Club Algemeen : 'Meer dan lopen alleen'

Vaak worden wij bij vrijblijvende gesprekken geconfronteerd met de vraag wat men allemaal aanleert bij "den Atletiek".
Alhoewel lopen de basis blijft bij de meeste Atletiekdisciplines is Atletiek inderdaad wel iets meer dan lopen alleen. In Atletiek komen de drie basisprincipes van bewegen naar voor, namelijk lopen, springen en werpen. Deze onderscheiden we als volgt:

 
Loopnummers:
Spurt zijn de loopnummers tussen 60 meter en 400 meter
Aflossingen (t/m 4x400m) zijn eveneens spurtnummers.
Middenafstand zijn de nummers tussen 800 meter en 1500 meter
Vanaf 3000 meter spreken we dan over de afstandnummers.
Bij het lopen komen ook de veldlopen nog aan bod, evenals de wegwedstrijden.

 
Springnummers:
Dit is : hoogspringen, verspringen, hinkstapspringen en polsstok
 
Werpnummers:

Dit is : kogelstoten, speerwerpen, hockeybalwerpen, discuswerpen. Ook hamerslingeren is een werpnummer, doch door gebrek aan een installatie komt deze discipline in onze vereniging niet aan bod.
 

De verschillende basisprincipes komen tijdens de meeste trainingen aan bod. Bij de jongeren worden deze disciplines meestal verwerkt in oefeningen en spelletjes. Dit noemt men dan Atletiek al spelend aanleren. Als men deze spelletjes en oefeningen enigszins beheert worden de oefeningen dan meer technisch gericht en begint men daadwerkelijk op de disciplines zelf te oefenen. Gezien de grote verscheidenheid is het onmogelijk alle disciplines op 1 training aan bod te laten komen zodat de meeste trainingen worden opgebouwd rond één of twee specifieke proeven.

U merkt dus dat Atletiek veel meer behelst dan enkel maar lopen, en dat het pas na enkele jaren is dat men doelgericht zich op een bepaald nummer of nummers kan en mag gaan bekwamen. Meerkampers dienen alle disciplines te oefenen en te beheersen en zullen dus zeer veel tijd steken in hun trainingsopbouw.